Waarom protectionisme niet werkt

Op weg naar de Economische Verkenningen Metropoolregio Amsterdam 2017

Op 2 maart worden de nieuwe Economische Verkenningen Metropoolregio Amsterdam 2017 gepresenteerd. In de aanloop daarnaartoe schrijft Martijn van Vliet, voorzitter van de stuurgroep Economische Verkenningen, tweewekelijks een column over de economische ontwikkeling van de MRA.

In mijn vorige column wees ik op de terugkeer van Realpolitik. Op economisch gebied uit zich dit in een toenemend protectionisme: het beschermen van de nationale industrie. Het voorstel van Trump om de kosten van de aanleg van de muur langs de Amerikaans-Mexicaanse grens te financieren uit de opbrengsten van een importheffing op Mexicaanse producten, is hiervan een mooi voorbeeld.

Zoveel mogelijk exporteren

Protectionistisch beleid is gebaseerd op mercantilistische uitgangspunten. Het mercantilisme is een economisch perspectief dat is ontwikkeld tijdens de opkomst van het handelskapitalisme in de 17e en 18e eeuw. De onderliggende gedachte is dat de welvaart van een land toeneemt door het creëren van een handelsoverschot. Dit kan worden bereikt door zoveel mogelijk te exporteren en zo min mogelijk te importeren. De kern van het mercantilistisch denken – in het verleden en het heden – is dat internationale handel een nul-som spel is: wat de één wint, verliest de ander.

In de loop van de 19e eeuw raakt het mercantilistisch denken uit de mode ten faveure van het idee dat uiteindelijk iedereen beter wordt van internationale handel. Toch zien we, meestal in tijden van crisis, groeiende aandacht voor protectionistisch handelsbeleid. Van ‘Koopt Nederlandsche waar, dan helpen wij elkaar!’ tot ‘Buy American’. De zorg over economische neergang en groeiende werkloosheid is vaak begrijpelijk, maar de mercantilistische beleidsreactie gooit het kind met het badwater weg. Nobelprijswinnaar Paul Krugman heeft in zijn boek Pop Internationalism helder uiteengezet waarom internationale handel geen activiteit is waarbij de één alleen maar kan winnen ten koste van de ander.

  1. Internationale handel is een economische activiteit waarbij mensen en bedrijven van binnenlands gemaakte producten inwisselen voor producten uit andere landen. De geïmporteerde producten consumeren zij of verwerken zij als grondstof of halffabricaat.
  2. Internationale handel is gericht op wederzijds voordeel. Het is geen internationale sportwedstrijd waarin de één wint en de ander verliest. Door te exporteren is een land in staat om producten te importeren die in eigen land niet of tegen hogere kosten worden geproduceerd. Het doel van internationale handel is daarmee voor alle betrokken landen de import van gewenste producten. Export is daarbij een middel, maar geen doel op zich.
  3. Verhoging van productiviteit is voordelig omdat het een land in staat stelt om meer te produceren, daarmee meer te consumeren en welvarender te worden. Het is geen concurrentiemiddel gericht tegen andere landen. In Nederland weten we dit maar al te goed. Wij profiteren als eerste van een welvarende, productieve Duitse economie en wij hebben er ook als eerste last van als het wat minder gaat bij onze oosterburen.
  4. Bescherming van de eigen productie door importheffingen leidt tot hogere prijzen in de winkel. Immers: het goedkope buitenlandse product (de in Mexico geproduceerde auto) wordt duurder vanwege de importheffing en het binnenlandse product (de in de Verenigde Staten geproduceerde auto) kent hogere productiekosten. De consument houdt dan minder geld over om andere producten te kopen, waardoor er minder geproduceerd wordt. Bescherming van een bedrijfstak door het duurder maken van import, zal dan ook ergens anders in de economie tot minder banen leiden.
  5. Bescherming van een binnenlandse bedrijfstak leidt er toe dat op de binnenlandse markt arbeid en kapitaal in die bedrijfstak worden ingezet die niet kan worden ingezet in andere, meer efficiënte bedrijfstakken.
  6. Het eindresultaat van verminderde internationale handel zal dus zijn dat kapitaal en arbeid minder efficiënt worden ingezet en de consument minder kan kopen tegen een hogere prijs. Samengevat betekent dit dat een land met protectionistisch beleid armer wordt.

Internationale handel

Kortom, in beginsel is internationale handel een activiteit waarvan landen aan beide zijden profijt hebben. Dit wil niet zeggen dat internationale handel altijd voor iedereen goed uitvalt. Oneerlijke handelspraktijken in de internationale arena door dumping, valutamanipulatie of oneigenlijk gebruik van intellectuele eigendomsrechten komen (veelvuldig) voor. Grondstof producerende landen zijn door het ontbreken van eigen industrie vaak niet in staat voldoende te profiteren van internationale handel. Welvaartswinsten door internationale handel   kunnen blijven hangen bij een te beperkte groep. Mede hierdoor worden verliezers van de versnelde internationalisering van de wereldeconomie onvoldoende geholpen en gecompenseerd. Hier wil ik in een volgende column op terugkomen. Maar dat internationale handel ook keerzijdes kan hebben, doet niets af aan het gegeven dat het geen nul-som spel is.

Plaats een reactie!

Geef een reactie

jouw nieuwstip

Heb jij een nieuwstip voor de Board? E-mail dan onze redactie!